Please take your time to log in as to have access to all threads. Be so kind as to read the 'General Forum Rules' thread first before posting anything on the forum.



 
BAKA! WebsiteBAKA! Website  FacebookFacebook  HomeHome  Forum PortalForum Portal  GalleryGallery  CalendarCalendar  FAQFAQ  SearchSearch  RegisterRegister  MemberlistMemberlist  UsergroupsUsergroups  Log in  

Share | 
 

 Henk van Veen: Een groot man achter kleine machines

View previous topic View next topic Go down 
AuthorMessage
kaZeta
Admin
avatar

Location : Antwerp
Kreidlers : 1973 RS-R 60 Special + 1969 TM 60 Custom + 1974 SOBW-Racer + 1981 RMC Caféracer + 1973 MP3x2
Post count : 803

PostSubject: Henk van Veen: Een groot man achter kleine machines   Mon Oct 01, 2012 11:28 am

Henk van Veen: Een groot man achter kleine machines

Bron: Motor 41, 1971
Auteur: Coen Verburg


Henk van Veen (37), directeur van Van Veen import N.V., is niet iemand die graag in de publiciteit treedt. Toch is hij de grote stimulator achter het Van Veen Racing Team, dat dit jaar in een alles of niets poging het 50cc wereldkampioenschap der constructeurs veroverde, terwijl eerste coureur Jan de Vries de individuele 50cc wereldtitel op zijn naam schreef. Een dubbel succes, dat ook dubbeldik verdiend is.



Wereldkampioen! Het woord rolt zo makkelijk over de lippen dat men er de betekenis nauwelijks van proeft. Zelfs Jan de Vries en importeur Van Veen lijken in de eerste minuten, ja uren, van dit unieke gebeuren nauwelijks de betekenis van het woord wereldkampioen te beseffen. Wereldkampioen: nou, èn?

Pas dagen later, als Dr. Rodenburg tijdens de feestelijke receptie namens de K.N.M.V. de zilveren legpenning uitrijkt aan de grote man achter de tengere wereldkampioen lijkt Henk van Veen te beseffen, wat zijn team het afgelopen jaar waar gemaakt heeft. Pas dan breken de emoties zich baan en kristalliseert het dubbele wereldkampioenschap tot zijn volle betekenis: de beste 50cc constructeurs ter wereld, de beste 50cc coureur ter wereld!

Henk van Veen ervaart dit 50cc wereldkampioenschap als een soort gerechtigheid. Toen eind 1969 het team uiteen viel bleef hij achter met Jos Schurgers en de in Friesland wonende en werkende Jan de Vries.

Op een moment, dat ieder ander er wellicht het bijltje bij neergegooid zou hebben, besloot Henk van Veen echter keihard door te gaan. Na deze teleurstellende ervaring – “trouw aan een firma vind ik een uitermate belangrijke karaktereigenschap. Als je samen iets opbouwt, als je samen iets bereikt, dan laat ik zo iemand nooit en te nimmer vallen! Anderzijds verwacht ik natuurlijk ook van anderen, dat zij karakter tonen” – beleefde het team een zeer moeilijk seizoen in 1970, waarin Henk van Veen talloze uren, avonden en vrije weekends doorbracht te midden van zijn team in de experimentele afdeling. Uit zakelijk oogpunt gezien zelfs te véél uren!

Wie is Henk van Veen? Wie is de man, die in drie seizoenen zijn raceteam naar een dubbel wereldkampioenschap stuwde? Wie is de man, die een perfectionist is in alles wat hij aanpakt en dat ook eist van zijn personeel?
De geschiedenis van Van Veen Import N.V. is nog jong. Sedert Henk van Veen in 1962 startte met de import van Kreidler bromfietsen – “het eerste jaar verkochten wij al 1000 exemplaren van dit kwaliteitsprodukt, maar het hadden er 3000 of 4000 kunnen zijn als de fabriek maar had kunnen leveren!” – heeft hij zijn zaak uitgebouwd tot de grote en dynamische onderneming van nu.

Hoewel de thans 37-jarige van Veen na zijn middelbare opleiding liever door was gegaan in de techniek, koos hij vanwege commerciële contacten met Hercules, Victoria en Zündapp – “daar leerde ik de praktische kant van het vak” – tòch voor het bedrijfsleven. Met een koffer vol ervaring keerde hij als 22-jarige uit Duitsland terug. In de zaak van zijn vader in Amsterdam, zijn commerciële gids in de aanvang, behartigde hij enkele jaren de import van Hercules.

Het contact met Kreidler kwam tot stand door zijn technische ambitie, waardoor hij zeer geïnteresseerd raakte in de race-ontwikkeling bij Kreidler. In 1959 bezat deze fabriek reeds een op standaard onderdelen gebaseerde 3-versnellingsracer, die goed was voor 130 km/u en waarmee nagenoeg elke race in Duitsland gewonnen werd.



Jurg Möller, op wiens schouders komend seizoen de taak
rust het team naar een nieuw wereldkampioenschap te leiden.

Zegt van Veen over die periode: “Mijn grote belangstelling voor de technische ontwikkeling was bekend bij Kreidler. Ik volgde de ontwikkeling van de 12-versnellingmachine en de twee-carburateuropstelling op de voet. Voor die tijd (1962, 1963, 1964) ongelooflijk mooi! Dat was horlogemakerswerk, ook al leverden de machines destijds niet meer dan 11-12 pk. Uit commercieel oogpunt zorgde ik ervoor dat Jan Huberts in 1962 in het fabrieksteam opgenmen werd, die o.a. de Grand Prix van Frankrijk en Oost-Duitsland op zijn naam schreef. Hoewel de opzet bij Kreidler groots was, bracht Anscheit het nooit verder dan tweemaal de titel van vice-wereldkampioen. De perfect lopende organisatie met compleet ingeschakelde tekenkamer en modellenmakerij kostte destijds zeker het 10-voudige van wat het ons kost, maar het grootste probleem van Kreidler was, dat het standaardprodukt van de fabriek achter bleef bij de concurrentie. De ontwikkelingsafdeling werkte namelijk uitsluitend aan de racers, waardoor de standaardontwikkeling in de verdrukking raakte. Kreidler draaide in 1964 de kraan terecht dicht. Enfin, de verdere ontwikkeling is bekend. Op mijn verzoek werden de 12-versnellingsmachines ter beschikking gesteld aan de importeurs in diverse landen. Wij kregen zelfs twee van deze technische juweeltjes, waarvoor in 1965 in samenwerking met MOTOR op het circuit van Zandvoort een talentenjacht georganiseerd werd”.


Teamwork belangrijke voorwaarde
Tijdens de feestelijke receptie in Amsterdam ter ere van Wereldkampioen Jan de Vries onderstreept Van Veen nadrukkelijk de waarde van een hecht en kundig team. “Er wordt zo gauw gezegd: als je maar geld hebt is het geen kunst. Natuurlijk, geld is belangrijk, maar belangrijker is de kennis en de spirit waarmee men zich als team inzet voor het bereiken van een bepaald resultaat”.

Ook zijn verknochtheid aan het merk Kreidler komt naar voren: “De racerij is voor mij een technische hobby. Ik wil bewijzen dat ik een kwaliteitsprodukt verkoop, want tenslotte zijn de G.P.-racers gebaseerd op het standaardprodukt. Ik wil ook op de circuits laten zien waartoe deze machines in staat zijn!”

Bij al deze dingen blijft Henk van Veen liever de man op de achtergrond. Zijn bescheidenheid gaat zelfs zo ver, dat het ons grote moeite kost hem alléén op de foto te krijgen, staande achter zijn produkten. Hij vergeet echter niet tijdens de receptie, de taakverdeling in het raceteam en de functiewaardering duidelijk naar voren te brengen. Wij moeten er de volgende dag nadrukkelijk naar vragen voor hij iets over zijn rol in het raceteam wil vertellen.

“Hoewel ik de race-afdeling vanaf 1965 aan bepaalde mensen overgelaten heb, ben ik de technische ontwikkeling toch steeds van nabij blijven volgen, uiteraard vanwege mijn technische interesse. Ik gaf leiding aan de ontwikkeling, bepaalde steeds de volgende stap. Ik gaf niet alleen leiding, maar wilde ook weten waarom een motor een bepaald vermogen leverde. Dat heeft mij gewoon een brok zelfstudie en verschrikkelijk veel vrije tijd gekost. Het alleen maar experimenteren met af en toe een toevalstreffer heeft mij nooit kunnen bevredigen.

Van elke stap vooruit wil ik weten: waarom? Zonder het “waarom” wan een bepaalde winst kom je op een gegeven moment met de handen in het haar te zitten, want die periode hebben wij ook gekend!



Na de scheuring van het team ben ik doorgegaan met Jos Schurgers. Jan de Vries kwam uit Friesland naar Amsterdam om de zaak opnieuw te helpen opbouwen. In het voorjaar van 1970 kwam Jaap Voskamp erbij, die zich samen met Jos Schurgers – onze artiest – op de styling en de framebouw geconcentreerd heeft. Omdat de zaken mij boven het hoofd groeiden – ik leidde gewoon een dubbel leven; ik moest de verantwoordelijkheid voor de race-afdeling van mij afzetten, anders zou ik stapelgek geworden zijn – zocht ik via Das Motorrad een assistent. Na Assen 1970 kwam toen Jurg Möller bij het team, die met Jan de Vries voornamelijk de motorontwikkeling verder ter hand genomen heeft, daarbij voortbouwend op datgeen wat wij reeds gevonden hadden. Via veelvuldige contacten met professor De Klerk van de T.H. te Delft werd reeds eerder de student Rinus Boerstra aangetrokken, die voor ons bepaalde onderwerpen – benzine-injectie en de toepassing van titanium drijfstangen bij tweetakten – onderzocht heeft, hoewel Boerstra in het moeilijke 1970-seizoen ook meer met de wegracers bezig was dan met zijn research-programma, dat feitelijk los van de ontwikkeling van de Grand Prix-machines behoorde te staan. Dit seizoen heb ik mij intensief met de begeleiding van het team bezig gehouden. Dat kostte veel tijd, maar niet zoveel als in 1970, toen ik mij rechtstreeks met de ontwikkeling bezighield en vaak zelf cilinders hielp klaarmaken.

De technische ontwikkeling in de wegracesport is iets fascinerends. Je raakt met hart en ziel betrokken bij een tweestrijd zoals die dit zeizoen plaatsvond. De technici vechten het eigenlijk uit vóór de race, de coureurs op de baan! Die strijd, die uitdaging is fantastisch, waarbij je emotioneel diep betrokken raakt!”

In drie seizoenen stuwde Henk van Veen zijn raceteam naar het wereldkampioenschap der constructeurs en de individuele wereldtitel voor Jan de Vries. Maar wat verder?

“Wij gaan in ieder geval door. Nu Jan wereldkampioen is, moet hij in ieder geval de kans hebben zijn titel te verdedigen. Zelf zal ik mij minder met racerij kunnen bemoeien, omdat de commerciële belangen voorrang hebben. De Kreidler-fabriek heeft mij onlangs gevraagd de organisatie van een verkoopapparaat voor België op te bouwen. Dat is een nieuwe uitdaging, die veel tijd vraagt. Ik ga echter het komende jaar in ieder geval door met de racerij. Jan heeft dat verdiend!”

Het feit dat Jan de Vries dit jaar op Monza 7 seconden sneller draaide dan vorig seizoen (toen hij ook won!), bewijst hoe snel de technische ontwikkeling dit seizoen gegaan is. Trotser nog dan op deze vooruitgang is Henk van Veen echter op het wapenfeit, dat de Van Veen Kreidlers dit jaar op Monza ook het onaantastbaar geachte ronde-record van de fameuze 14-versnellings tweecilinder Suzuki’s verbeterden! En… het einde van de ontwikkeling is nog lang niet in zicht!


Back to top Go down
View user profile http://www.kreidler.be
 
Henk van Veen: Een groot man achter kleine machines
View previous topic View next topic Back to top 
Page 1 of 1
 Similar topics
-
» Places in NSW and Vic to do a bit of sluicing????
» Small Craftman RM7
» The Ulimate Snow Machine.
» STOLEN CAR ALERT CANADA BUT CLOSE TO US BORDER
» Clone Forums .Com

Permissions in this forum:You cannot reply to topics in this forum
 :: Magazine article scans :: Dutch Articles-
Jump to: